herwerkte versie van een lezing in de cursus Inleiding tot de cassatieprocedure en -praktijk, Universiteit Gent 29 maart 1995, "Kritische bedenkingen bij de funktie van het Hof van Cassatie", verschenen in TPR (Tijdschrift voor privaatrecht) 1995, 971-1048.
U kan deze tekst nu als .pdf bestand afladen op http://www.storme.be/cassatie&traditie.pdf
INHOUDSTAFEL
Inleiding
1. Opzet van deze bijdrage - 2. Beperkte historische betekenis
van art. 6
Deel I. Wandeling vanuit het aan art. 6 vastgeknoopte verbod aan rechterlijke uitspraken een algemene en als regel geldende draagwijdte te geven
A. Draagwijdte van het verbod.
3. Nadere aflijning van het verbod - 4. Mogelijke positieve betekenis
- 5. Verantwoordelijkheid voor eigen, niet voor vreemd recht -
6. Twijfel aan deze positieve betekenis - 7. Ritualisme
B. De ideologie achter het verbod : twee begoochelingen ophouden
8. Etres inanimés
C. De werkelijkheid achter deze begoochelingen.
9. Twee verdrongen tema's
1. Een grote mate van onsamenhangendheid.
10. Rechtspluralisme en transplantaties - 11. Regels of beginselen en uitzonderingen - 12. Uiteenlopen in rechtspraak - 13. Uiteenlopende rechtsformanten - 14. Degradatie tot feitenkwestie - 15. Verdringing door het procesrecht en de proceswerkelijkheid.
2. De traditie als primaire bron van recht en de wijze waarop
deze zich ontwikkelt.
a) De traditie als primaire bron van recht en de verhouding
met de wetgeving.
16. De onvermijdelijke keuzen - 17. Traditie als hermeneutisch
beginsel - 18. Juridisch, daarom nog geen politiek konservatisme
- 19. Getrouw aan de wet, doch mits beperkende uitleg - 20. Beperkende
uitleg simptoom van de voorrang van de traditie - 21. Beperkende
uitleg van wetgeving is zelf een eeuwenoude traditie - 22. Vergelijking
met het begrip residuaire bevoegdheid.
b) De wijze van ontwikkeling van de traditie in onze rechtspraak.
23. Rechtsontwikkeling niet enkel ontwikkeling van de (uitleg
van) wetgeving
1° Mijden van de analogieredenering en dus geen streven
naar samenhang.
24. De telefax in het procesrecht - 25. Het uitdrukkelijk ontbindend
beding - 26. Gekwalificeerde benadeling - 27. Informatieverplichting
beroepsverkoper - 28. Rechtsverwerking en aanvaarding door de
koper - 29. Rechtsverwerking en huur - 30. Korte termijn - 31.
Verhouding kooprecht - algemeen verbintenissenrecht - 32. Besluiten
over de verhouding tussen traditie en wetgeving en tussen algemene
en bijzondere regels - 33. Achter "vernieuwende rechtspraak"
gaat vaak traditie schuil.
2° Een bewuste en effektieve wijziging van de regels der
traditie door de rechtspraak - d.i. overruling - komt zelden
voor, en geschiedt bovendien zelfontkennend.
34. Overruling zeldzaam - 35. Deklaratieve werking
van overruling - 36. Schizofrene toestanden.
3° De traditie ontwikkelt zich voornamelijk door veeleer
onbewuste betekenisverschuivingen.
37. Tekort aan rechtspraakarcheologische studies - 38. Vergelijking
met de omgang met common law - 39. Voorbeeld : loon is de tegenprestatie van arbeid - 40. Metonimie in plaats van metafoor - 41. La synecdoque française - 42. Andere voorbeelden - faktuur - 43. Andere voorbeelden : verzuim - 44. Andere voorbeelden : kwade trouw beroepsverkoper - 45. Het gebruik van vermoedens - 46. Het gevaar bij te ruime formules - b.v. de lastgeving van gemeenschappelijk belang -
47. De boom van Porphyrius en de valse logika der rechtsbegrippen - 48. Taxonomie van de overeenkomsten - 49 De pseudo-naturalistische leer van het voorwerp van de overeenkomst en zijn caducité - 50. Besluiten over de ontwikkeling van de traditie - 51. Een uitzondering : de cassatietechniek zelf.
Deel II: Wandeling vanuit het aan art. 6 vastgeknoopte verbod om feitelijk geachte vragen aan de hand van een algemene en als regel geldende motivering op te lossen.
A. Draagwijdte van het verbod.
52. Aanduiding en aflijning van het verbod - 53. Verschil tussen beoordeling in feite of naar recht -
B. Ideologische achtergrond van het verbod.
54. Het Hof van cassatie bepaalt hoe een vraag moet worden opgelost, in beginsel niet welke vraag er rijst - 55. Ideologische betekenis van het onderscheid tussen recht en feit -
C. De gevolgen van het verbod : tussen schizofrenie en paranoia ?
56. De terughoudendheid t.a.v. rechtsverfijning- 57. B.v. bij derde-medeplichtigheid - 58. Ruimte voor de rechtsleer - 59. Aandacht voor de omstandigheden van het geval ? - 60. Verdringen van rechtsonzekerheid als feitelijk - 61. Oogkleppen, meer bepaald inzake rechtsmisbruik - 62. De grens aan de mogelijkheid tot regeren met formules - tussen schizofrenie en paranoia - 63. Besluiten.
Slotwoord.